Noah

Mijn naam is Noah Dekker en ik ben 5 jaar. Twee jaar geleden werd ik opeens erg ziek. Ik had acute lymfatische leukemie. Wat was dat een schrik! Ik moest heel veel vervelende dingen ondergaan: een sonde in mijn neus, een infuus, naar de slaapdokter en nog veel meer, want ben ik twee jaar behandeld met chemotherapie. Dat was een moeilijke tijd, en het is nog steeds moeilijk, want de chemo heeft veel in mijn lijfje kapot gemaakt. Ook goede celletjes die allemaal weer opnieuw moeten groeien. Daardoor voel ik me vaak niet lekker en ben ik erg moe. Maar gelukkig waren er in die moeilijke twee jaar ook lichtpuntjes. Eén daarvan was de KanjerKetting. Ik vond de kralen zó mooi. Hoe vervelender de behandeling, hoe mooier de kraal. Ook mijn papa en mama vonden de KanjerKetting prachtig. Tijdens de lange ziekenhuisdagen regen zij de mooie kralen tot een heel lange ketting. De KanjerKetting gaf hun in alle onzekerheid grip. Het rijgen van de ketting was ook iets wat ze konden doen voor hun zieke meisje.

Wat is mijn KanjerKetting lang geworden, wel 6 meter! Ik heb de ketting meegenomen naar de klas. De juf heeft hem uitgerold in de klas, hij kon de hele kring rond. Ik heb aan de kinderen laten zien hoe veel vingerprikken ik gehad heb. En hoe vaak ik de sonde had uitgespuugd en weer een nieuwe kreeg. Hoe vaak ik een bloedtransfusie heb gehad en hoe vaak een spoedopname. En hoe vaak ik mijn kamer niet af mocht (isolatie). Zo heb ik mijn hele verhaal verteld.

Er zijn twee kralen die ik het allermooiste vind. De ene is de petjeskraal. Daar heb ik er maar één van. Ik zeg vaak tegen mama dat ik nog een keer kaal wil worden, omdat ik dan weer zo'n mooie kraal krijg. Maar natuurlijk is het fijner om gezond te zijn en lange haren te hebben. Dat begrijp ik wel, ik hoop ook dat ik nooit meer zo ziek word. Dat de leukemie nooit meer terug komt. Maar de aller-, aller-, allermooiste kraal is natuurlijk de bloemenkraal. Wat ben ik, maar ook mijn papa, mama en broer blij en dankbaar dat we deze kraal aan mijn KanjerKetting mochten rijgen.